De toetsing door de rechter-commissaris bij inzet criminele burgerinfiltrant
december 5, 2013
Trial by media (1): De zaak Paes
december 20, 2013
Show all

Gisteren was de behandeling van de zaak over het doodschieten van de 17 jarige Rishi. De verdachte was een agent, die op de zitting anoniem bleef en als 001 werd aangeduid. Over het incident is veel geschreven. Wat betreft de feiten valt er niet veel aan toe te voegen. Voor een goed begrip toch een korte herhalingsoefening.

Rishi had op het station een man bedreigd. De man meldde dit aan de politie en vertelde er bij dat Rishi mogelijk een vuurwapen bij zich zou hebben. Vrijwel direct waren drie agenten ter plaatse. Zij wilden Rishi aanhouden op grond van verdenking van bedreiging en het bezit van een wapen.  

Rishi zette het op een lopen, onttrok zich daarmee aan de aanhouding en werd door een van de agenten in zijn nek of hals geraakt. Dodelijk. De agent werd na lang wikken en wegen vervolgd. Hij dacht dat Rishi gebruik wilde maken van een wapen en wilde hem in zijn benen schieten, maar dat liep fataal af. Achteraf bleek Rishi geen wapen te hebben.

De media berichtten uitvoerig over deze zaak. Die verslaglegging bevatte fouten en ook de OvJ en de advocaat gingen, afgaande op de media, regelmatig de mist in. Misschien lag dat dan weer aan de berichtgeving, maar hoe het ook zij, er ontstond zoveel ruis dat ik besloot om er toch iets over te schrijven. Uiteraard zijn ingewikkelde juridische exegeses niet aan het grote publiek besteed. Concessies zijn onvermijdelijk. In die zin valt enig begrip op te brengen voor het journaille. Maar goede voorlichting is ook belangrijk. En het een hoeft niet ten koste gaan van het ander.

Het begon al direct met de aanvulling van de beschuldiging. In de media werd daar vaak van gemaakt dat de tenlastelegging zou zijn “gewijzigd”. Nee dus. De politieagent werd ook van moord beschuldigd en dat is een “aanvulling”. Het gaat hier niet om een verandering van etiket, omdat het ook juridisch relevant is.

De OvJ claimde daarmee tegemoet te komen aan de wens van de slachtoffers. Maar zei er direct bij dat hij vrijspraak zou vragen. Of hij daarmee inderdaad aan de wens van de slachtoffers tegemoet kwam valt te betwijfelen. In ieder geval wel in die zin dat de rechter zich er nu over moet buiten en de reeds aangespannen beklagprocedure zinloos is geworden. Overigens maak ik mij sterk dat als de verdachte geen politieman was geweest, het OM van meet af aan al voor (primair) moord was gegaan. Daarmee spreek ik voor alle duidelijkheid geen waardeoordeel uit.

Rechtbankverslaggeefster Saskia Belleman tweette dat er volgens de OvJ geen aanwijzingen waren dat de agent Rishi “willens en wetens” van het leven beroofde. Ik kon me amper voorstellen dat de OvJ dat zo gezegd heeft. Want dat zou betekenen dat hij ook vrijspraak voor doodslag zou moeten eisen en dat feit achtte hij bewezen. Opzettelijk handelen vereist immers “willens en wetens” handelen. Maar vermoedelijk vergaloppeerde deze OvJ zich op dit punt.

Dat zou dan overigens niet het enige punt zijn. Want uit een andere tweet van Belleman blijkt dat de OvJ van oordeel is dat de agent 001 de kans dat Rishi zou overlijden “bewust” heeft aanvaard. De OvJ vindt daarom doodslag wel bewezen. Maar dat is juridisch ondeugdelijk gemotiveerd. “Bewust aanvaarden” van een kans is niet voldoende. Voor (voorwaardelijk) opzet moet de verdachte zich niet alleen bewust zijn van de kans dat iemand kan overlijden, maar hij moet dat risico ook “willen” nemen. De HR heeft het dan over het “willens en wetens aanvaarden van een aanmerkelijke kans”. In het verkeer nemen we allemaal bewust risico’s. Maar daarmee is bepaald niet gezegd dat iemand doodslag pleegt, wanneer hij verantwoordelijk is voor een dodelijk ongeval. Doorgaans gaat het dan om dood door schuld. En slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan het om doodslag gaan.

Kortom of de OvJ of Saskia Belleman gaat hier juridisch in de fout. Het is immers van tweeën een. Wanneer er geen sprake is van “willens en wetens” moet zowel van moord als van doodslag worden vrijgesproken. Het kan niet anders of de OvJ moet van mening zijn geweest dat er wel sprake is van willens en wetens handelen. Of hij denkt aan dood door schuld en haat opzet en schuld door elkaar. Bewuste schuld in dit geval en geen onoplettendheid o.i.d.. Want hij heeft het immers over de bewustheid van de kans dat het fataal zou aflopen. Maar dood door schuld is niet ten laste gelegd.

We gaan door, want de OvJ is nog heilig vergeleken met de advocaat van de agent. Die maakt er helemaal een potje van. Ik beroep mij maar weer op de tweets van Saskia Belleman. Volgens de advocaat had de agent “goede reden” om te denken dat Rishi een wapen bij zich had en zou er daarom sprake zijn van noodweer. Deze advocaat moet juridisch worden bijgespijkerd. De agent “vergiste” zich en daarom was er geen (onmiddellijk dreigend) gevaar waartegen hij zich moest verdedigen. Geen noodweer dus, maar hooguit putatief noodweer, dat, mits verontschuldigbaar, via avas tot ontslag van alle rechtsvervolging zou leiden. Excuses, voor dit technische uitstapje. De agent zou dan vrijuit gaan omdat hem geen verwijt kan worden gemaakt. Een heel ander spoor. Ook voor de rechter, die dan het handelen van de agent aan de verwijtbaarheid moet toetsen.

Maar de advocaat had nog meer valse noten op zijn zang. Belleman tweette dat hij bepleitte dat de agent niet kon worden veroordeeld voor “dood door schuld”. Maar daar was de agent niet eens van beschuldigd! Misschien is de rechtbankverslaggeefster hier zelf het spoor bijster geraakt.  

Het requisitoir van de OvJ was duidelijk, hoewel niet in alle opzichten even overtuigend. Terecht kwam de OvJ niet aan met noodweer. Hij was van mening dat de agent moest worden vrijgesproken van moord en ontslagen van alle rechtsvervolging wegens doodslag. Dat laatste strikt genomen niet vanwege “gerechtvaardigd aanhoudingsvuur”, maar omdat er sprake zou zijn van een situatie waarin de politieagent handelde “ter uitvoering van een wettelijk voorschrift”.

De NRC bestond het overigens om te schrijven dat de agent niet wordt vervolgd. Daarmee kennelijk in de veronderstelling dat ontslag van alle rechtsvervolging gelijk staat aan een beslissing om niet te vervolgen. En Crimesite liet het bij de even nietszeggende als onzinnige bewering dat een veroordeling er volgens het OM niet in zat omdat “de aanwijzingen dat de verdachte vuurwapengevaarlijk was serieus genoeg waren”. 

Handelde de agent werkelijk “ter uitvoering van een wettelijk voorschrift”? Dat laatste behoeft enige toelichting en nuancering.  De op de Politiewet 2012 gebaseerde Ambtsinstructie werd, zoals het mij voorkomt, nageleefd. Een ambtsinstructie wordt ook als een wettelijk voorschrift gezien. Maar de agent schoot niet vanuit een stabiele houding. Hij minderde weliswaar vaart, maar stond niet stil. Uit de camerabeelden bleek dat de betrokken politieambtenaar schiet op een afstand van zo’n 16 meter, terwijl hij met een versnelde (loop)pas vooruit beweegt. Deze omstandigheden kunnen de trefzekerheid van een schot beïnvloeden. En dat deden ze.

In dit geval handelde de agent niet zoals “aangeleerd”. Zij de wettelijke kaders dan nog steeds in acht genomen, mede in aanmerking genomen dat de geweldsinstructie een bevoegdheid en geen verplichting bevat? Is er dan toch niet eerder sprake van gedrag dat niet verwijtbaar is? Moeten we dus niet eerder aan een schulduitsluitingsgrond denken? Opvallend in dit opzicht vond ik dat de OvJ het voor de agent vond pleiten dat hij niet zoveel “ervaring” had. Dat argument zou ook kunnen leiden tot de conclusie dat uitgerekend een betrekkelijk onervaren agent extra voorzichtig moet zijn.

Het klinkt wrang, maar het zijn interessante juridische afwegingen waarvoor de rechtbank zich ziet geplaatst. Ik ben benieuwd naar de uitspraak op 23 december. Maar ik ben zeker ook benieuwd naar wat de media er over bericht.

 

Copyright@Wedzinga2013