Mr. W. Wedzinga

Over Strafrecht en nog veel meer

                                                        

22 augustus 2014

Terugdringen voorlopige hechtenis

16 mei 2014

Belabberde wetgeving en sjoemelende rechters

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, hekelt de wijze waarop politici vanuit hun behoefte om snel te scoren en een daadkrachtige indruk te maken, soms slordige en ondoordachte wetgeving opstellen, die niet strookt met de normen en waarden van onze rechtsstaat. Als voorbeeld noemt hij het wetsvoorstel om mensen direct op te sluiten als de rechter ze heeft veroordeeld tot minimaal een jaar gevangenisstraf, ook als ze in hoger beroep gaan en wellicht alsnog worden vrijgesproken. Een goed voorbeeld omdat het voorstel strijdig is met de onschuldpresumptie. Een presumptie die stoelt op de gedachte dat iemand die niet onherroepelijk is veroordeeld, voor onschuldig moet worden gehouden. Zo iemand is verdachte en geen veroordeelde. Het wetsvoorstel is het zoveelste product van het regenteske duo Opstelten en Teeven, dat in een mum van tijd de toch al toch al minimale rechtsstatelijke (wat is dat trouwens?) status die ons land zo schijnheilig en krampachtig probeert op te houden, om zeep heeft geholpen.
16 september 2013

Opleggen voorlopige hechtenis tussen neus en lippen door

Ybo Buruma heeft gelijk dat voorlopige hechtenis te vaak te routineus wordt opgelegd, maar ongelijk waar hij opmerkt dat ons strafrechtelijk systeem, afgezien van schadevergoeding, geen prikkel kent om onrechtmatige detentie te vermijden. Die prikkel is er wel degelijk, alleen rechters maken er geen gebruik van. In ons strafvorderlijk systeem moet onderscheid worden gemaakt tussen inverzekeringstelling een voorlopige hechtenis. In het betoog van Buruma in  Crimesite loopt dat door elkaar heen. Inverzekeringstelling duurt enkele dagen. Er komt geen rechter aan te pas. Wel een hulpofficier van justitie die als een blinde vink na het verhoor dat op de aanhouding van verdachte volgt, het bevel inverzekeringstelling tekent. Ook een schande, al staat de inverzekeringstelling in het teken van de opsporing. Een redelijke verdenking is voldoende. Daarna kan de verdachte in voorlopige hechtenis worden gesteld. Die voorlopige hechtenis bestaat volgens de wet uit bewaring, gevangenhouding en gevangenneming en kan soms jaren duren. Over de voorlopige hechtenis wordt door rechters geoordeeld en de wet kent wel degelijk prikkels om daar niet lichtvaardig mee om te springen. Zo is volgens ons Wetboek van Stafvordering een “redelijke verdenking” niet (meer) voldoende, maar zal er sprake moeten zijn van “ernstige bezwaren”. En daar zit `em de […]