oktober 13, 2017

Een advies met grote gevolgen voor de praktijk

Niet zelden blijft de wetgever in gebrek bij het ontwerpen van een regeling die een technisch-juridisch ingewikkelde materie betreft. Een voorbeeld hiervan is de regeling die wordt gebruikt om een verdachte die een dadelijk uitvoerbare voorwaarde heeft overtreden, hangende het hoger beroep voor de rechter te brengen om de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf te bevelen. Mag een rechter de vrijheidsbeneming van een verdachte bevelen op basis van een vonnis dat niet onherroepelijk is? Over die – ook voor de praktijk – belangrijke rechtsvraag heeft AG Knigge onlangs een doorwrocht advies geschreven, dat menig praktijkjurist zich eigen zou moeten maken. Dat advies heeft de juridische status van een vordering tot cassatie in het belang der wet. Het is dus “ook” voorlopig. De Hoge Raad kan er anders over denken. Maar dat zou mij verbazen. Zijn advies is meer dan verdedigbaar. Het is overtuigend en de Hoge Raad zal het volgen. De vordering is gericht tegen een beslissing van de rechtbank Gelderland van 2 februari 2016 waarbij de gedeeltelijke tenuitvoerlegging is gelast van een eerder door diezelfde rechtbank grotendeels voorwaardelijk opgelegde straf, te weten jeugddetentie. Om misverstanden te vermijden dient voorop te worden gesteld dat het slechts ten dele de bevoegdheid van […]
augustus 4, 2016

Europese Hof legt persvrijheid aan banden

Het EHRM legt de persvrijheid meer en meer aan banden. Ik heb het dan over berichtgeving in strafzaken. Altijd al een smeuïg onderwerp voor menig journalist. Het spreekt tot de verbeelding, krikt de oplagecijfers c.q. kijkcijfers omhoog en kennis van zaken lijkt nauwelijks een rol van betekenis te spelen. Al ruim voordat de rechter zich op de zitting over de strafzaak heeft gebogen, wordt de zaak in de pers breed uitgemeten. Sporadisch komt een deskundige aan het woord. Meestal gaat het dan om deskundigen die door ingewijden niet echt serieus worden genomen. Waar het om gaat is dat die deskundige in staat is om in een paar pakkende volzinnen de zaak te simplificeren. Dergelijke simpele zielen zijn zeldzaam, maar in de kaartenbak van de journalist bekleden ze een vooraanstaande positie. De kwadratuur van het simplisme. Er kleven tal van gevaren aan deze vorm van journalistiek. En in toenemende mate stelt het EHRM er grenzen aan. Een goed voorbeeld is de zaak Bédat vs Switzerland, waar de Grand Chamber van het Europese Hof een unieke en (bewust?) onderbelichte uitspraak heet gedaan. De zaak dateert van 29 maart 2016 (application number 56925/08). Terwijl het (vertrouwelijke) opsporingsonderzoek nog volop gaande was, publiceerde Bédat […]
november 19, 2014

Het eindspel in de zaak Demmink

Hoewel het strafrechtelijk onderzoek nog lang niet is afgerond, lijkt de zaak Demmink een finaal stadium te hebben bereikt. Op 16 december volgt de uitspraak in de door Demmink tegen het AD aangespannen civiele procedure, waarin de Stichting De Roestige Spijker een hoofdrol voor zich opeiste, maar waarbij het in essentie gaat om de vraag of het AD een artikel over Demmink moet rectificeren. En het strafrechtelijk onderzoek naar verkrachting waartoe de rechter het OM min of meer dwong staat in de steigers, al zijn de aangiftes van twee Turkse jongens die beweren dat zij door Demmink zijn verkracht niet onderzocht. Volgens het OM liggen er rechtshulpverzoeken en is het wachten op het fiat van de Turkse autoriteiten. Of die erg inschikkelijk zijn, waag ik te betwijfelen. Zeker als de zaak Demmink in politieke zin samenhangt met de veroordeling van Baybasin (daarover binnenkort meer). Overigens is het strafrechtelijk onderzoek naar de seksuele escapades van Demmink gaandeweg uitgebreid. En wel zodanig dat eigenlijk in zijn algemeenheid wordt onderzocht of Demmink zich in strafrechtelijke zin heeft vergrepen aan minderjarigen. Laten we beginnen bij de beschikkingen van het Hof. Op 20 januari 2014 beval het Hof ’s Hertogenbosch de vervolging van Demmink. Die […]
mei 16, 2014

Belabberde wetgeving en sjoemelende rechters

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, hekelt de wijze waarop politici vanuit hun behoefte om snel te scoren en een daadkrachtige indruk te maken, soms slordige en ondoordachte wetgeving opstellen, die niet strookt met de normen en waarden van onze rechtsstaat. Als voorbeeld noemt hij het wetsvoorstel om mensen direct op te sluiten als de rechter ze heeft veroordeeld tot minimaal een jaar gevangenisstraf, ook als ze in hoger beroep gaan en wellicht alsnog worden vrijgesproken. Een goed voorbeeld omdat het voorstel strijdig is met de onschuldpresumptie. Een presumptie die stoelt op de gedachte dat iemand die niet onherroepelijk is veroordeeld, voor onschuldig moet worden gehouden. Zo iemand is verdachte en geen veroordeelde. Het wetsvoorstel is het zoveelste product van het regenteske duo Opstelten en Teeven, dat in een mum van tijd de toch al toch al minimale rechtsstatelijke (wat is dat trouwens?) status die ons land zo schijnheilig en krampachtig probeert op te houden, om zeep heeft geholpen.